In de 24 reacties op het zeer korte blog van zaterdag 9 mei 2026 was er e.e.a. te doen over de a.s. degradatie van ons vierde achttal.
Die degradatie is inmiddels een feit geworden en het gaat mij er niet om die aan te vechten. De prestaties waren helaas onvoldoende voor handhaving, zoals o.a. Martin Rekelhof ruiterlijk toegaf.
Maar er zitten mij toch een aantal juridische dingetjes niet helemaal lekker.
Volledigheidshalve citeer ik hier eerst de relevante stukjes uit de reacties onder het blog, die begon met de volgende vraag van Martin (cursief):
Er speelt nog wel iets anders Daan, en dat is het volgende:
Volgens het reglement van de SGA moeten alle aangemelde spelers aan het begin van de competitie bij de SGA minimaal 2 partijen spelen. Wat blijkt nu? VAS 7 heeft een speler die daar niet aan heeft voldaan. Volgens het reglement kost dat 1 matchpunt tenzij er dispensatie is aangevraagd (artikel 8). Stel me verliezen vandaag: A: gaat het bestuur navraag doen of voor die speler dispensatie is aangevraagd? B: zo nee, claimen wij het matchpunt? Interessant casus. Wie beslist daarover? Martin R.
Onze inmiddels kersverse clubkampioen reageerde hierop met deze mededeling (cursief):
De competitieleider beslist over het aftrekken van matchpunten en dat gebeurd als je geen dispensatie aanvraagt. Alle externe wedstrijdleiders krijgen voor de laatste ronde nog een waarschuwing. Als je dispensatie vraagt dan krijg je die in principe ook. Je hoeft de matchpuntenstraf dus niet zelf aan te vragen. Groeten, Kees
Mijn antwoord daarop was dit (cursief):
Dan moet wel voor de andere verenigingen duidelijk zijn of er dispensatie is gevraagd en wat de beslissing van de competitieleider is, want je moet daar wel beroep tegen kunnen instellen. De beslissing moet dan ook wel gemotiveerd zijn, want volgens het competitiereglement KAN dispensatie worden verleend. IK ben dan ook van mening dat wij hier concreet navraag over moeten doen om ons daarna te beraden over vervolgstappen.
Die dispensatie is wat ik heb begrepen ook verleend.
E.e.a. is geregeld in de onderstaande artikelen van het competitiereglement:
Artikel 8:
Een speler die is opgegeven volgens artikel 6 dient minstens twee partijen te spelen voor het team waarvoor deze speler is opgegeven, behalve indien het om het laagste team gaat. Bij overtreding van dit artikel wordt per gemiste partij één matchpunt in mindering gebracht. Het bestuur kan hiervoor dispensatie verlenen.
Artikel 30:
Bij niet nakomen van in dit reglement vastgestelde verplichtingen gelden de volgende boetes en sancties:
(…)
3. art. 8: niet minstens twee partijen: matchpunt per partij in mindering;
(…)
Ik heb me er nog eens met de juridische bril op grondig in verdiept, en ik ben tot de conclusie gekomen dat er tegen het besluit van het bestuur om dispensatie te verlenen geen rechtsmiddel open staat.
Dat is naar mijn mening niet terecht, je zou als benadeelde vereniging - zoals wij - daar wel iets van kunnen vinden.
Daar komt nog dit bij. De bevoegdheid tot het verlenen van dispensatie is geformuleerd als zogenaamde ‘kan-bepaling’. Dat betekent dat het orgaan dat die bevoegdheid heeft daarover beleid dient te formuleren: in welke gevallen gebruiken wij die bevoegdheid wel of niet.
Als het om formele regelgeving gaat, zoals wetten of gemeentelijke verordeningen, vind je daarover doorgaans iets in de artikelsgewijze toelichting.
Die is er in dit geval niet en het is mij ook onduidelijk wat de reden is geweest om artikel 8 in het reglement op te nemen. En als in principe de dispensatie altijd wordt verleend zou ik zeggen: schrap dat artikel dan maar, want dan is het een dode letter.
Zo niet, dan zou naar mijn mening een dispensatiebesluit van het bestuur openbaar moeten zijn en vatbaar voor beroep. Zo’n besluit zou dan ook gemotiveerd moeten zijn en het zou wenselijk zijn als het bestuur daar een beleid over zou formuleren. Dat hoeft niet heel uitgebreid te zijn, er zou ook een soort hardheidsbepaling kunnen worden geformuleerd.
Mijn voorstel is dan ook dat het bestuur van ENPS dit aankaart bij het bestuur van de SGA.
Groeten, Daan Poldermans
PS: Ik hoop dat ik het de niet-juridisch geschoolde lezer niet al te moeilijk heb gemaakt. En tenslotte draag ik dit artikel op aan Martin Rekelhof…
Geen opmerkingen:
Een reactie posten